Het doek is gevallen

20 oktober 2004

Update 03-06-2021:
Medio 2018 heeft ENCI de commerciële kalksteenwinning beëindigd. Medio 2020 is ook de laatste cementmolen stilgelegd, waarmee de productie van Maastrichts cement definitief is gestopt. De 125 ha grote groeve wordt al vanaf 2010 omgevormd tot een prachtig natuurgebied met een focus op natuur en recreatie. In 2020 is dit unieke stukje Nederland overgedragen aan Natuurmonumenten die het beheer ervan voor haar rekening neemt.

Het doek is gevallen

Wat niemand in deze omvang had kunnen bevroeden is werkelijkheid geworden. De reorganisatie door de Heidelberg Cement Group betreft niet alleen Enci-Maastricht maar de hele Enci-Benelux. In 2005 zal de mergelwinning in de St. Pietersberg worden beëindigd en de cementoven in Maastricht worden gesloten. In Maastricht verdwijnen 220 banen, in België 200. Dat illustreert hoe slecht het gaat in de West-Europese cementindustrie die steeds meer te maken krijgt met concurrentie uit Oost-Europa. De cementindustrie kent een structurele overcapaciteit en Heidelberg Cement heeft een puur economische afweging gemaakt.

Waarom de keuze voor sluiting van de oven en de winning valt op Maastricht en niet op Lixhe in België, maakte directeur Pluijmen van het bedrijf gisteren duidelijk. Twee productiesites op enkele kilometers afstand van elkaar is te duur. De oven In Lixhe is moderner en heeft een grotere capaciteit, en de grondstofreserves in België zijn vele malen groter dan in het Nederlands deel van de St. Pietersberg, die nog slechts voor een periode van 30 jaar perspectief biedt. Daarnaast bevindt zich in de rest van Europa een grote grondstoffenvoorraad. De nog in Maastricht aanwezige mergel is gewoonweg niet nodig.

Nadrukkelijk stelde directeur Pluijmen, dat de langdurige procedures die moesten worden doorlopen voor een nieuwe vergunning geen rol hebben gespeeld in het besluit van het Heidelberg concern.

Voor de natuur- en milieuorganisaties die zich verzet hebben tegen een nieuwe vergunning aan de Maastrichtse cementmaker, was 19 oktober geen dag om de vlag uit te steken. Daarvoor is de smaak van het verloren gaan van 220 arbeidsplaatsen in Maastricht te bitter. De Milieufederatie heeft steeds gepleit voor een afbouwscenario, waarbij de tijd tot de sluiting zou worden benut voor een transitieproces naar andere bedrijvigheid. Het ging nooit om sluiting van vandaag op morgen. Als 2010 niet haalbaar zou zijn geweest, dan zou het uiterlijk 2020 moeten zijn, schreven we eerder. Het jaar waarna het bedrijf zich volgens de landsadvocaat niet meer zou kunnen beroepen op geformuleerd beleid voor mergelwinning.

Om het voor het bedrijf gemakkelijker te maken hebben we in het spoor van professor Luc Soete gepleit voor onderzoek naar een andere bestemming voor het bedrijfsterrein en de groeve, waardoor het bedrijf zou kunnen worden uitgekocht. Noch de afbouwgedachte, noch de transitiegedachte bleek bij het bedrijf bespreekbaar. Er was slechts één optie: business as usual.

Voor natuur en milieu is sluiting van het bedrijf winst. Sluiting van de cementoven betekent immers het einde van de afvalverbranding in Maastricht en het einde van de uitstoot van gezondheidsschadelijke stoffen door de ENCI naar de lucht. De recent gepubliceerde globale cijfers over verontreiniging van de atmosfeer met stikstofdioxide onderstrepen hoe het met de lucht in onze contreien gesteld is, evenals de eerdere vaststelling dat ook het gehalte fijn stof in Maastricht zodanig is dat strikt genomen het bouwbeleid van de stad op slot zit.

Ook voor de natuur, recreatie en toerisme ontstaan nieuwe perspectieven. Eerder dan voorzien zal de natuur haar gang kunnen gaan en zich hoogwaardig ontwikkelen; en eerder dan voorzien kunnen de huidige generaties Maastrichtenaren en toeristen daarvan gebruik maken.

In de nieuwe situatie ligt een herbestemming van het bedrijfsterrein voor de hand. Het eerder gevraagde onderzoek naar de mogelijkheid van een hoogwaardige woonbestemming, een prestigieus kantorenpark in het groen of een recreatief-toeristische bestemming kan zicht geven op een nieuw perspectief voor de groeve en het omliggende gebied.

Uitgangspunt moet daarbij zijn dat het gedeelte van de groeve waar mergel wordt gewonnen een natuurbestemming krijgt. Zo is het ook contractueel vastgelegd tussen ENCI, de Provincie Limburg en de Vereniging Natuurmonumenten.

Een nieuwe bestemming van het gedeelte waarop de huidige fabrieksgebouwen staan mag met die natuurbelangen in de groeve niet conflicteren. De natuurbelangen dienen kaderstellend te zijn. Voor het overige pleit de Milieufederatie voor een open discussie.

Het handhaven van een klein deel van het cementbedrijf – als maalindustrie met zo’n 95 arbeidsplaatsen – is de optie die eerder door ENCI-Stop werd voorgesteld, maar zowel door het bedrijf als door de vakbonden als ‘de doodsteek voor het bedrijf’ categorisch werd verworpen. Met het oog op de toekomst moet de vraag worden gesteld: hoe lang nog? Het is zelfs niet ondenkbaar dat het rekken van de aanwezigheid van ENCI als maalbedrijf een echte transitie van het bedrijfsterrein in de weg staat.

Voor de goede orde: De Milieufederatie Limburg verzet zich niet tegen voortzetting van het maalbedrijf, noch zou de federatie zich verzetten tegen voortzetting van het huidige bedrijf tot 2010, het moment dat de vergunning afloopt. Dat laatste is wat de facto ook gevraagd wordt door de vakbonden, als een termijn die de werknemers enige zekerheid geeft op een overstap naar een andere job.

Het ziet er echter naar uit dat de Heidelberg Cement Group vast van plan is de hoofdactiviteit in 2005 te beëindigen. Het bedrijf zegt uit puur bedrijfseconomische overwegingen geen andere keus te hebben.

Tags: