Transitie landbouw

Transitie landbouw

De Natuur en Milieufederatie Limburg vindt dat landbouw weer in balans moet komen met andere waarden en kwaliteiten van het Limburgse landschap. Natuurlijker, landschappelijk beter ingepast, zonder negatieve effecten op water, bodem, lucht, biodiversiteit én in balans met de behoeftes die de samenleving nu heeft. Een fundamentele transitie is nodig.

Negatieve effecten

In Limburg wordt veel voedsel geproduceerd. Momenteel is ruim de helft van Limburg daarvoor in gebruik. De landbouw bepaalt voor een belangrijk deel hoe ons landschap eruit ziet. De ontwikkeling van de landbouw en bedrijfsvoering heeft grote impact op de kwaliteit van landschap, natuur en milieu. In Midden- en Noord-Limburg vind je veel intensieve veehouderij (vooral varkenshouderijen). In Zuid-Limburg meer melkveehouderijen. Tuinbouw neemt toe in de regio rondom Venlo. Met name de grootschalige, intensieve vorm brengt negatieve effecten met zich mee. De gezondheid en het welzijn van burgers wordt negatief beïnvloed, natuurgebieden worden erdoor beschadigd en het milieu wordt te zwaar belast op veel plaatsen.

De huidige situatie in de intensieve landbouw is verontrustend. De eisen vanuit de voedselketen en de milieunormen van de overheid leiden tot grootschaligheid, industriële bedrijven gericht op massaproductie. Het karakteristieke Limburgse landschap wordt hierdoor aangetast. Ook veroorzaakt de intensieve veehouderij veel overlast door stank en onder andere uitstoot van stikstof, fijnstof en ammoniak. Overschot aan mest leidt tot verontreiniging van bodem, grond- en op termijn drinkwater. Het uitgebreid gebruik van bestrijdingsmiddelen in de diverse teelten brengt schade toe aan allerlei organismen. De forse teruggang van de biodiversiteit is het directe gevolg. Meer weten over de impact van veehouderij?

Kwaliteit boven kwantiteit

Goed rentmeesterschap van bodem, water en energie staat voor de Natuur en Milieufederatie Limburg centraal. Behoud van kwaliteit van de leefomgeving, ook voor komende generaties. En gesloten kringlopen op een zo klein mogelijk schaalniveau. Bijvoorbeeld door diervoeder uit de directe omgeving te halen, door dierlijke mest te gebruiken en gewasresten hergebruiken als veevoer of compost. Streven naar een grote mate van diversiteit van flora en fauna op landbouwgronden. Daarbij is goede zorg voor de bodem en het microklimaat belangrijk. In zo’n systeem is de CO2-uitstoot in evenwicht met de CO2-opname.

Daarom pleiten wij voor een natuurinclusieve en grondgebonden landbouw waarbij landschap, biodiversiteit, klimaat, leefomgeving en dierenwelzijn worden omarmd.

Om dit te bereiken is een veelomvattende en integrale transitie nodig. De Natuur en Milieufederatie Limburg zet zich daarvoor zowel provinciaal als regionaal in. Niet de kwantiteit maar de kwaliteit zou leidend moeten zijn. Alleen zo kunnen we een toekomstbestendig landbouwsysteem maken dat ecologisch, economisch én op een breed maatschappelijk draagvlak kan rekenen.

Onze inzet is grofweg te verdelen in drie rollen:

  • Bewustwording: Wij maken overheden en burgers bewust van de noodzaak van een transitie naar natuurinclusieve landbouw.
  • Beleidsadvisering: Wij ondersteunen overheden met advies, bijvoorbeeld rond de mestverwerkingsindustrie.
  • Samenwerking in projecten: Veel boeren en telers zien ook in dat een omslag noodzakelijk is. Zij denken dan ook na over een natuur- en milieuvriendelijke bedrijfsvoering. Met deze boeren werken wij graag gebiedsgericht samen.

 

Heb je een vraag? Ton helpt je graag verder